donderdag 19 januari 2012

Rechter stuurt getuige weg: Mijnheer, u bent zo zat als een kanon

De voorzitter van het Hof van Assisen Vlaams-Brabant in Leuven heeft vandaag één van de getuigen weggestuurd. De 38-jarige man, een voormalige partner van de beschuldigde, had duidelijk te veel gedronken en was niet meer in staat een samenhangend verhaal te brengen.

Het incident deed zich voor tijdens de derde dag van het assisenproces van Stefanie Van Der Bel (32). Meerdere ex-partners van de beschuldigde waren opgeroepen om te komen getuigen. Eén van hen, een 38-jarige man, begon zijn verklaring met de melding dat hij spijtig genoeg getrouwd was geweest met de beschuldigde. Samen hebben ze een zoon en een dochter.

"Een serieus pintje"
Na het afleggen van de eed vroeg assisenvoorzitter Hartoch of de man wel in staat was om te getuigen. Die meldde dat hij enkele pijnstillers had genomen voor zijn rug en dat hij zich met een pintje moed had ingedronken. "Dat moet toch een serieus pintje geweest zijn, want ik ruik het tot hier", repliceerde de rechter.

De getuige probeerde daarna een samenhangend verhaal te brengen, maar slaagde daar niet in. Hij verontschuldigde zich door te stellen dat hij zich weinig herinnerde van de relatie door een teveel aan alcohol en drugs. Hij beweerde ooit van Van Der Bel zesentwintig valiums te hebben gekregen, waarna hij gereanimeerd moest worden. De assisenvoorzitter keek bedenkelijk, zuchtte en maakte een einde aan de getuigenis: "Mijnheer, u bent zo zat als een kanon. Komt u morgenochtend om 9 uur maar eens terug om het opnieuw te proberen".

Zwakbegaafd
Volgens de gerechtspsychiater bevond de beschuldigde Stefanie Van Der Bel zich op het moment van de feiten niet in een staat van krankzinnigheid. Ze functioneerde op een zwakbegaafd niveau, maar er waren geen aanwijzingen dat ze leed aan een stoornis die invloed had op haar stemming zoals een depressie.

Ontwikkeling
Dat de vrouw weinig emotie toonde tijdens haar verhoor, zou liggen aan de mindere emotionele ontwikkeling van de beschuldigde, die moeilijkheden zou hebben met het correct inschatten van wat is gebeurd. Van Der Bel ontkende eerst tijdens de ondervragingen, ging later over tot een bekentenis, maar ontkende uiteindelijk opnieuw alles. De psycholoog schreef dat onder meer toe aan een verstoorde gewetensfunctie en een kinderlijke bescherming die ze optrok. "Als ze ontkende, zou er haar niets overkomen", dacht ze.

Grootmoeder
Later op de zitting kwamen de moeder, de zus en de broer van Van Der Bel aan het woord. Stefanie vermeed iedere blik met haar familieleden. De moeder omschreef als dochter als "een bleiter, geen huilbaby, die twee maanden te vroeg was geboren. De verstandhouding was goed totdat Stefanie het ouderlijk huis verliet". De grootmoeder van Jordy was boos dat ze de baby nooit mocht zien. De toenmalige partner van de dochter mocht het ouderlijk huis niet binnen.

De zwangere zus van Stefanie zei dat ze de twee mannen die ze ooit had gehad was kwijtgespeeld aan haar zus. Haar broer was op 17-jarige leeftijd het huis uit en had nadien weinig contact met zijn zus. De drie moesten het assisenproces via een deurwaarder vernemen. De meerdere ex-partners van de beschuldigde die nadien voor het hof verschenen wisten weinig extra te vertellen over Van Der Bel en haar band met de kinderen of haar situatie rond december 2007.

Geen opmerkingen: